Reuma

Reuma is een verzamelnaam voor meer dan 100 verschillende aandoeningen van het bewegingsapparaat. Tot het bewegingsapparaat behoren niet alleen de gewrichten, maar ook de spieren, pezen, kapsels, en het bindweefsel. Enkele algemene verschijnselen bij reumatische aandoeningen zijn aanhoudende pijn en stijfheid bij het in beweging komen en het opstaan, pijn in de spieren en de gewrichten, en zwellingen in één of meer gewrichten. Vaak zijn er bewegingsbeperkingen. Reuma is een van de belangrijkste volksziekten. In Nederland hebben drie miljoen mensen reuma, waarvan 1,4 miljoen mensen in een chronische (langer dan zes maanden) vorm. Omgerekend heeft circa één op de tien mensen in Nederland een chronische vorm van reuma. Van het merendeel van de reumatische aandoeningen is niet bekend wat precies de oorzaak is. Sommige vormen van reuma hangen samen met andere ziekten. Om aan mensen wat meer zekerheid te geven over hun ziekte is er de reumafactor. De ontdekking van de eerste reumafactor in het bloedserum van patiënten in het begin van de jaren veertig (Waaler) gaf voor het eerst binnen de differentiaaldiagnostiek de mogelijkheid van een indirect bewijs van het bestaan van  reumatoïde artritis (de Waaler Rose test).

Het begrip reuma komt van het Griekse woord vloeien of lopen. Reumatische pijnen karakteriseren zich ook vaak door wisselend van het ene gewricht naar het andere  te gaan. Tegelijk omvat deze afleiding ook het gevoel van uitstralende pijn. In de Oudheid dacht men echter, naar het toen bestaande beeld van de ziekte, aan slijmerige stromen, die van het hoofd naar de rest van het lichaam vloeiden en daarbij allerlei ziekten veroorzaakten.
We kunnen reuma in vier groepen verdelen:

  • Slijtagereuma (artrose)
  • Ontstekingsreuma (reumatoïde artritis)
  • Welke delen reuma (fibromyalgie, tenniselleboog)
  • Parareumatische aandoeningen (bijvoorbeeld: jicht, osteoporose)